Interview
Ed van Eeden
Allan Folsom: ‘Het verhaal moet
van de pagina komen en je vastgrijpen’
‘Ik heb echt mijn huiswerk goed gedaan. Toen ik
jaren geleden een televisiefilm schreef, kwam ik in contact
met een toprechercheur van de afdeling moordzaken van het
Los Angeles Police Department. Hij heeft me geïntroduceerd
bij tal van collega’s en ook bij mensen van de geheime
dienst, tot wie ik anders nooit toegang gehad zou hebben.
Voor mijn vorige boek, Dag van vergelding, heb ik veel
informatie gehad van de politie in Rome. En nu is een vrouwelijke
inspecteur van de Catalaanse staatspolitie heel behulpzaam
geweest. Ik leg politiemensen en geheim agenten graag vragen
voor die direct betrekking hebben op situaties in mijn
verhaal: wat zouden jullie doen als dit gebeurde, of wat
is de procedure als dat zich voordoet? Een van hen antwoordde
een keer: zulke vragen zouden ze ook moeten stellen bij
examens op de politieacademie!’
De carrière van Allan Folsom (Boston, 1944) is de
afgelopen dertien jaar in een ongehoorde stroomversnelling
gegaan. Jarenlang werkte hij als filmeditor, cameraman,
scenarioschrijver en producent in Californië, waar
hij scripts schreef voor onder meer Natalie Wood en Robert
Wagner. Omdat hij gefrustreerd raakte omdat de meeste van
zijn filmscripts onverfilmd bleven, maakte hij met zijn
vrouw een reis door Europa, om ideeën op te doen.
Daar bedacht hij de kern van De dag na morgen. Hij zag
al snel dat dit verhaal te groot zou worden om als scenario
te kunnen dienen, en dus besloot hij er een boek van te
maken. Het verscheen in 1994 en maakte Folsom in één
klap wereldberoemd. Die roem groeide alleen nog maar, toen
hij vier jaar later Dag van bekentenis publiceerde en in
2004 Dag van vergelding. Van zijn boeken gingen alleen
al in Nederland honderdduizenden exemplaren over de toonbank.
En nu is er Dag van de samenzwering. Ter gelegenheid van
de verschijning van dit boek was Folsom enkele dagen in
Amsterdam.
In zijn nieuwe boek laat Folsom een oude bekende terugkomen:
hoofdpersoon Nicolas Marten uit Dag van vergelding. ‘Mijn
lezers mochten die man,’ vertelt Folsom grijnzend. ‘Dus
heb ik de kans aangegrepen om met dit boek meer over hem
te vertellen. Zonder dat je daarvoor overigens het vorige
boek gelezen hoeft te hebben. Misschien laat ik hem in
nog wel meer boeken optreden, want hij verveelt me nog
lang niet. De intimiteit die je met zo’n personage
opbouwt, voegt iets extra’s toe aan het verhaal.’
Zelf noemt Folsom zijn nieuwe boek liever een avonturenroman
dan een thriller: ‘Voor je het weet, is Marten samen
met een Française en niemand minder dan de president
van de Verenigde Staten dwars door Europa heen op de loop
voor een enorme overmacht. Dat was mijn basisidee: dat
de Amerikaanse president, de machtigste man ter wereld,
in de gaten krijgt dat de mensen om hem heen bezig zijn
een wereldcomplot te volvoeren, waarbij ze er niet voor
terugdeinzen om de leiders van Frankrijk en Duitsland te
vermoorden. De samenzweerders hadden er vast op gerekend
dat de president in hun opzet zou meegaan, maar hij kiest
voor zijn geweten en gaat er dwars tegenin, met hulp van
Nicolas Marten. Ik denk niet dat George Bush zoveel morele
moed zou kunnen opbrengen als deze man. Ha!’
Als inspiratie voor de samenzweerders bedacht Folsom een
geheim boek van de Italiaanse machtsfilosoof Niccolò Macchiavelli: ‘Kijk,
ieder verhaal over een complot heeft een plausibele theorie
nodig, die goed doordacht is. Vijfhonderd jaar geleden
schreef Macchiavelli De vorst, het beste boek over macht
dat er bestaat, niet voor niets is het de bijbel van veel
dictators. Dat boek is pas na Macchiavelli’s dood
gepubliceerd, want hij was een voorzichtig man. Jarenlang
had hij een hoge functie aan het hof in Florence, tot de
familie de Medici hem ontsloeg. Toen heeft hij De vorst
geschreven, om te laten zien dat hij alles wist over het
verwerven en vasthouden van politieke macht. Voor mijn
verhaal heb ik bedacht dat hij daar nog een addencum bij
heeft geschreven, dat al die eeuwen verborgen is gebleven,
maar dat als handboek heeft gediend voor een groep mensen
die daarmee op zeer bloedige wijze de wereldheerschappij
nastreven. Daarom gaat mijn boek vooral over macht en machtsmisbruik,
en over het feit dat een mens pas echt weet uit welk hout
hij gesneden is, als hij zwaar op de proef wordt gesteld.’
Zoals gebruikelijk bij Folsom, krijgt het verhaal van De
dag van de samenzwering al snel een tuimelende vaart en
een wurgende spanning, die pas eindigt bij de laatste bladzijden. ‘Eerst
gaat het dag voor dag, dan uur voor uur en ten slotte is
het een kwestie van seconden,’ beaamt hij, met opnieuw
zijn kenmerkend brede grijns. ‘Ik breng mijn personages
in situaties die op zich bezien misschien vergezocht zijn,
maar wel logisch voortvloeien uit het stapsgewijs uitbouwen
van de ideeën die ik voor hen heb bedacht. Dan groeien
ze vanzelf in de realiteit van de situatie. That’s
entertainment! Ik heb voor de structuur en het tempo van
mijn verhalen veel geleerd van mijn werk bij de film. Overbodige
scènes moet je simpelweg schrappen. Ook moet je
geen tijd verliezen met inleidende hoofdstukken, maar meteen
voluit in de actie stappen. En vooral niet vertellen wat
er gebeurt, maar zorgen dat de lezer dat voelt. Het verhaal
moet van de pagina komen en je vastgrijpen! Daar moet je
voor zorgen als schrijver, ten koste van alles. Ook al
zul je daarvoor veel research moeten doen en je twee of
drie jaar moeten begraven in de honderden bladzijden van
je boek, tot je helemaal afgestompt raakt en aan niets
anders kunt denken. Ha! En dan vragen mensen zich nog af
hoe het komt dat zoveel schrijvers aan de drank of de drugs
raken!’
Folsom lacht hartelijk, alsof hij zojuist een goede grap
heeft verteld. Nee, tijd om Amsterdam te gaan bekijken
heeft hij niet, want hij moet verder Europa in, om research
te doen voor zijn volgende boek.
Ed van Eeden